De Keplertrack: het verslag
Ha iedereen!
Op het moment dat ik dit schrijf, bevind ik me in het uiterste zuiden van het Zuidereiland, in Invercargill. Het was niet helemaal gepland dat ik hier zou belanden, maar onvoorziene omstandigheden zorgden ervoor, dat ik hier nu toch ben.
Laat ik eerst wat vertellen over de Keplertrack zelf. Vanuit Queenstown ben in naar Te Anau gelift, een klein stadje (zie kaart), vlakbij het begin van de track. Ik heb hier overnacht in een hostel 9 km ten zuiden van Te Anau, vanaf waar ik al een prachtig uitzicht had over de bergen, waar ik de dag erna in zou gaan trekken. Een goed vooruitzicht.
De weersverwachtingen waren niet al te best, maar het is heel moeilijk om het weer hier betrouwbaar te voorspellen, omdat het erg uitmaakt aan welke kant van de bergen je je bevind en zelfs in welk dal. En bovendien had ik toch al geboekt, dus ik besloot er maar voor te gaan.
De eerste dag was het weer nog best goed, wel bewolkt, maar in de loop van de dag trok die bewolking weg, en had ik geweldige uitzichten over het fjorden- en merenlandschap hier (foto's). Na een lange klim kwam ik bij de eerste hut, de Luxmore hut, waar vlakbij een grot bleek te zijn. Samen met een Australische vader met z'n twee dochters besloten we er, gewapend met een paar zaklampen, een kijkje te gaan nemen. Met het idee van gewoon een gat in de grond, waar ik misschien een meter of 10 in zou kunnen lopen, werd ik bijzonder verrast door deze grot: het bleek heel spectaculair te zijn, met prachtige druipsteenformaties, nauwe tunnels en af en toe plekken waar we onder rotsen door moesten kruipen. We zijn zeker een paar honderd meter de grot ingegaan, totdat het zo nauw werd dat we niet verder konden. Een heel speciale ervaring!
De dag erna was het weer nogal grillig. De tocht ging vooral over een bergkam, met uitzichten op de fjorden diep beneden. Het weer was deze dag echt heel erg extreem: soms zaten we midden in de wolken, en zagen we niets, soms braken er grote gaten in de wolken en hadden we prachtige uitzichten over bergen en fjorden, waar de wolken overheen en doorheen jaagden. Er stond ook een harde wind, zodat ik soms bijna van de kam werd geblazen. Ook regende het af en toe flink. Af en toe had ik het ijskoud, daarna ook weer heel warm. Het weer in combinatie met het landschap vond ik heel bijzonder om een keer te ervaren.
Vlakbij de tweede hut was een waterval, 20 min lopen, waar ik 's avonds nog heen wilde, met wat andere mensen. Onderweg wilde ik nog een foto maken van de rivier waar ik langs kwam, iemand stoote me aan en ik liet per ongeluk de camera uit m'n handen glippen: hij viel eerst op een rots, 2 meter lager, en toen half in het water.... Al vrij snel kwam ik erachter dat er weinig meer aan te redden viel. Gelukkig ontmoette ik een hoop aardige mensen in de hut, die aanboodden me wat foto's op te sturen van de derde dag, zodat ik in elk geval ook nog wat foto's van die dag zou hebben.
Weer terug in Te Anau bleek, dat de dichtstbijzijnde stad Invercargill was, zo'n twee uur rijden. Dit was de beste plaats om een nieuwe camera te kopen, dus ik besloot hier dan toch maar heen te gaan. Ik had nog een adres gekregen van mensen hier, en gelukkig kon ik daar ook terecht. Na een telefoontje bleken kapotte camera's gelukkig ook onder m'n reisverzekering te vallen, dus de uiteindelijke schade valt nog mee. Maar t was toch wel even balen!
Het plan is nu, om morgen weer terug naar Te Anau te gaan, om vanuit daar de Milford Sound te gaan bezoeken. Dit schijnt een enorm spectaculaire fjord te zijn, met loodrechte rotswanden. Ik zal er, met m'n gloednieuwe camera, veel foto's van nemen!
Groeten vanuit het diepe zuiden van Nieuw Zeeland, vanuit Invercargill,
Sytze




















































